Harry was een bouwer. Hij deed ook wel andere dingen: wiskundeleraar,
schoolinspecteur, missiepropaganda, maar daar lagen zijn talenten
niet. Hij had twee rechtse handen. Je kon met elke moeilijkheid op
materieel gebied bij hem terecht: sloten, wekkers, horloges, hij repareerde
alles.
In het melaatsenkamp begon hij een rozenkransindustrie. In lokale
zaadjes werden gaatjes geboord, zo leerde hij rozenkransen maken.
Een 60-tal kinderen verdienden er hun schoolgeld, uniform en schoolboeken
mee, soms ook voor zus of broer.
Harry
hield niet van treuzelen. Hij deed alles snel. Hij liep met grote
passen, reed met de auto of motor zo snel dat medepassagiers vaak
angsten uitstonden. Maar hij had nooit een ongeluk. Was het moeder
Maria die hem beschermde vanwege al die rozenkransen? In elk geval
stond Maria bij hem vooraan.
In Vrijland
begon zijn dag elke ochtend vroeg met een wandeling naar de Mariakapel
in het bos om daar de lichtjes aan te steken. Totdat hij zover niet
meer kon lopen. Toen begon de tijd van afscheid nemen, waar hij moeite
mee had. Hij probeerde het met zijn bekende humor aan te pakken door
af te tellen hoeveel er nog vóór hem waren. Maar hij
raakte de tel kwijt.
Eindelijk
is de tijd van afscheid toch gekomen. Bisschop Willigers van Jinja
zei tegen hem bij zijn afscheid in Oeganda: "Harry, van je vele
rozenkransen zijn er intussen zeker ook gesneuveld, maar je kerken
staan allemaal nog overeind. Reden
genoeg om te geloven dat de Heer met je is en met je zal blijven".
Moge
deze Heer, in wie je alle vertrouwen had, je nu tegemoet snellen,
en je rijk belonen.
Familie Steegmans
Missionarissen
van Mill Hill
Oosterbeek 15 juni 2009